Josef Fritzl, persoonsbeschrijving aan de hand van een foto. Door Ingrid Holvoet.

Josef Fritzl, een Oostenrijker, sloot zijn dochter 24 jaar lang op in een kelder, en had 7 kinderen met haar. Hij werd in maart 2009 veroordeeld tot levenslange opsluiting.

Ingrid Holvoet beschrijft Josef Fritzl

Beschrijving van Josef Fritzl aan de hand van deze foto.  Op een foto wordt het onderbewustzijn dat zich rond een mens bevindt, en dat bestaat uit een lichte, onzichtbare materie gekopieerd. Het onderbewustzijn bevat het karakter en gedrag van een persoon. Iemand met paranormale gaven (zoals Ingrid Holvoet) kan dit aflezen van een foto.

 

 

.
Josef Fritzl, relatie met zijn dochter
.
Het is alsof er een roofdier in Josef Fritzl aanwezig is dat zich op zijn prooi stort. Alsof hij zich voelt als een roofdier, en een ander ziet in termen van ‘zijn prooi die hij naar willekeur verscheurt’. Een prooi die totaal aan hem overgeleverd is en waar hij mee doet wat hij wil en die hij laat leven of vernietigt volgens zijn keuze.
Hij moet anderen in zijn macht hebben, alleen dan kan hij zich goed voelen. Hij moet in het bijzonder macht hebben over één iemand, alleen dan voelt hij zich goed. Hij moet kunnen domineren en tiranniseren, alleen dan voelt hij zich goed. Hij moet zich in de positie kunnen voelen van een roofdier dat alle macht over zijn prooi heeft, een positie waarbij zijn prooi totaal weerloos is, en dan voelt hij zich goed, dan voelt hij zich de koning te rijk. Dan kan hij van het leven genieten, dan kan hij het leven aan.
Als Josef Fritzl zich in een positie bevindt waarin hij totale macht heeft over een ander, als een ander zich in een positie van totale onderworpenheid bevindt, en over geen enkele mogelijkheid meer beschikt om iets voor zichzelf te willen of te kiezen of te beslissen, als Josef Fritzl zich in de positie bevindt dat hij gewoon alles kan doen met de ander wat hij wil en dat de ander niets, maar dan ook niets meer kan doen om zich te weren of om zich uit zijn netelige situatie te werken, dan is Josef Fritzl heel gelukkig, dan heeft hij een enorme energie en levenskracht, dan heeft hij energie voor 1000. Dan kan hij alles aan, dan kan hij elke tegenslag verwerken en kan hij zelfs vriendelijk en meegaand zijn voor andere mensen. Het totaal kunnen onderwerpen van een ander is datgene wat hem voeding geeft tot leven.
Een vrouw moet totaal onderworpen zijn, dan kan hij genieten van seks. Als hij weet dat het slachtoffer dat hij seksueel gebruikt geen enkele uitweg heeft en dat hij alle macht en controle heeft, kan hij zich uitleven in seks, kan hij echt genieten van seks. Daar krijgt hij energie en levenskracht door en kan hij het leven weer aan achteraf.
Regelmatig een vrouw kunnen verkrachten, waarbij hij zich in een positie bevindt dat hij totaal meester is, dat hij totale controle heeft en dat de vrouw die hij verkracht totaal weerloos is, geeft hem een weergaloze energie, geeft hem een energie dat hij duizenden leeuwen die hem zouden aanvallen, zou kunnen bestrijden, hij kan de ganse wereld aan daarna. Dit duurt een tijd, en dan is de energie verdwenen, en moet hij weer een vrouw kunnen verkrachten om weer dezelfde energie te hebben. Enzoverder. Enzoverder.
De situatie met zijn dochter opgesloten in de kelder, en overgeleverd aan zijn willekeur, en de mogelijkheid om haar te kunnen verkrachten naar willekeur, om haar te gebruiken en te beheersen als een voorwerp, gaf hem de kracht om te leven, en om redelijk goed te zijn voor anderen (niet al te tiranniek, toch enige flexibiliteit), en om vriendelijk te zijn voor andere mensen, om zijn werk aan te kunnen en om goed te fungeren in zijn werk.
Telkens als hij zijn dochter verkracht had, had hij weer energie, kon hij dingen doen en kon hij vriendelijk zijn voor andere mensen en zijn best doen voor de dingen waar hij verantwoordelijk voor was. Zoals een ander opleeft door het maken van een reis, of een goede film, of een goed gesprek met iemand, zo leefde hij op door het verkrachten van een vrouw. Omdat hij zich op dat moment in een positie bevond van totaal meester zijn over een totaal weerloze, en dat hem een energiestoot gaf om weer enkele dagen verder te kunnen. En dan had hij het weer nodig, enz.
Gevoelens tegenover zijn dochter (zolang de situatie er was): het feit dat hij iemand had die aan zijn willekeur was overgeleverd en die hij te allen tijde kon verkrachten en waarbij hij het gevoel had dat een ander een voorwerp was waar hij alle controle over had, hield hem recht. Het feit dat hij te allen tijde over haar kon beschikken, hield hem recht, gaf hem weer telkens energie waardoor hij weer verder kon.
Gevoelens tegenover de kinderen in de kelder: hij was er trots op dat hij die kinderen had, en hij voelde er zich zeer goed bij dat die kinderen verwekt waren door het verkrachten van zijn dochter. Hij had iets bewezen, hij had zichzelf bewezen dat hij alle controle over een ander kon hebben, en dat hij dus waarde had. Hij had het gepresteerd kinderen te verwekken bij een vrouw die dat totaal niet wenste, hij had kinderen kunnen verwekken tegen haar wil in, en zij was totaal slachtoffer van de situatie geweest. Hij had haar totaal kunnen manipuleren en zijn wil opleggen, hij had getriomfeerd, de kinderen waren daar het bewijs van. Hij was gelukkig dat hij die kinderen had, ze waren het bewijs van zijn overheersing over anderen. Als hij aan die kinderen dacht en aan de manier waarop ze verwekt waren (door controle over een ander), dan voelde hij zich gelukkig, dan had hij weer levenskracht, kon hij het leven weer aan. Hij had iets gepresteerd, hij had zichzelf iets bewezen, hij was gelukkig.
Andere gevoelens tegenover de kinderen: ze waren ook zowat een voorwerp voor hem, hij voelde misschien enige liefde voor hen, maar het was toch eerder een last dat ze er waren. Maar daar stond dan tegenover het overweldigend gelukzalige gevoel van geslaagd te zijn in het totaal onderdrukken van een ander en zichzelf iets bewezen te hebben. Hij had zichzelf bewezen dat hij totale controle over een ander kon hebben, hij was een gelukkig man.
.
Andere karakteristieken van Josef Fritzl   

Hij móet meester zijn over een situatie, hij móet controle hebben over alles en over mensen, anders kan hij niet leven. Anders is hij dood. Hij móet heersen en tiranniseren, anders is hij dood. Anders leeft hij niet, is hij als een verwelkte plant, die geen enkele levenskracht meer heeft en dood zal gaan. Dan heeft hij totaal geen energie meer en kan hij het leven niet meer aan. Dan is er niets meer dat hem nog kan boeien, dat hem nog gelukkig kan maken.
Is uitsluitend en alleen met zichzelf bezig.  Denkt uitsluitend aan zichzelf en aan wat hij wil. Hij kan de wereld uitsluitend bekijken vanuit dat gezichtspunt. Iedereen moet gehoorzamen, iedereen moet doen wat hij wil. Dit is een onwrikbare regel, het kan alleen op die manier, het kan op geen enkele andere manier. Als hij iets plant, dan bedenkt hij niet alleen zijn aandeel in het plan, maar hij bedenkt ook wat de anderen zullen doen in het kader van zijn plan. Hij denkt er daarbij niet aan om de anderen hun mening te vragen of zij het wel willen doen zoals hij de dingen gepland heeft. Hij gaat ervan uit dat ze het zullen doen zoals hij het wenst. Hij plant de dingen en iedereen moet zich schikken naar zijn plan, en iedereen moet de dingen doen zoals hij ze wil hebben. Niemand heeft de keuze om iets te doen op de manier waarop ze het zelf willen en niemand heeft de keuze om iets te doen dat ze zelf willen.
Bijvoorbeeld, als hij een reis plant, dan moet iedereen zich aanpassen aan zijn wil, niemand heeft ook maar enig recht op eigen inbreng. Hij plant een reis, en hij bepaalt dat de anderen meegaan en hij bepaalt waar ze naartoe gaan, hij bepaalt wanneer ze vertrekken, hij bepaalt wat ze ginder doen en waaraan ze geld uitgeven. Als er een werk gepland wordt, dan bepaalt hij wat iedereen zal doen en wanneer en hoeveel. De personen die het werk moeten doen hebben geen enkele eigen inbreng, alles wordt gedaan en verloopt zoals hij het wil. Er kan niets gebeuren dat hij niet wil. De anderen moeten zich schikken.
Als hij wil dat ze tezamen naar TV kijken, dan kijken ze samen TV. Als hij wil dat het eten dan zal klaar zijn en dat ze dat en dat zullen eten, dan zal het eten dan klaar zijn en dan zullen ze dat en dat eten. Als hij wil dat iemand boodschappen doet, dan zal die persoon boodschappen doen en kopen wat Josef Fritzl wil en niet meer en niet minder.
Mensen moeten zich draaien en keren zoals hij het wil, en moeten gaan en staan waar hij het wil. Het komt geen moment in hem op dat een ander het wel eens op een andere manier zou willen hebben of dat een ander iets anders zou willen dan wat hij wil. Daar is gewoon geen sprake van, het gebeurt zoals hij het wil. Er gaat zo’n sterk gezag van hem uit dat de anderen het gewoon allemaal doen zoals hij het wil. Het komt zelfs niet in hen op tegen te stribbelen, ze doen gewoon wat hij wil.
Egoïsme, extreem egoïsme. Alles moet voor hem zijn, alles behoort hem toe, hij behoort alles te krijgen, een ander mag niets krijgen. Alles is altijd alleen voor hem, wat dan ook, in elke situatie. Hij ziet niemand graag, ziet alleen zichzelf graag (dit voel ik zo op deze foto, op andere foto’s voel ik dat hij soms wel enige liefde voor zijn vrouw en kinderen kan voelen).  Hij wil voor zichzelf in alles het beste hebben, voor de anderen steekt het niet zo nauw. Hij zal ervoor zorgen dat hij het steeds comfortabel heeft, als de dingen voor de anderen niet prettig zijn, dan steekt dat niet nauw, die moeten dat maar verdragen. Die zijn immers geen koning zoals hij, die zijn maar onbenullige onderdanen.
Hij kan totaal geen liefde geven, hij kan geen begrip voelen voor een ander,  Kijkt uitsluitend vanuit zijn eigen standpunt, kent uitsluitend zijn eigen belevingswereld, kan niets anders voelen dan zijn eigen zelf, heeft geen enkel besef van de gevoels- of belevingswereld van een ander.

Hij bekijkt een ander als een voorwerp dat zijn bevelen uitvoert. Hij duldt daarbij geen tegenspraak, aarzeling of traagheid van de ander. Als zijn bevelen niet onmiddellijk uitgevoerd worden kan hij woedend worden, en overgaan tot een hardhandige aanpak, zoals slaan, desnoods iemand in elkaar slaan, (eventueel met de zweep slaan, ben ik niet zeker van, kan alleen een idee zijn dat in hem leeft zonder dat het zo uitgevoerd wordt), iemand opsluiten in een kamer zonder licht en zonder voedsel, zonder toilet, dagenlang desnoods, tot ze gedwee geworden zijn en zijn bevelen opvolgen en alles doen wat hij wil, zonder morren, zonder tegenpruttelen. Want morren of tegenpruttelen of aarzelen, dat verdraagt hij niet, dat tolereert hij niet, ze hebben hem in alles te gehoorzamen en zoniet zullen ze de gevolgen ondervinden.

Een ander is een voorwerp en is er uitsluitend in functie van hem en dient te gehoorzamen. Hij heeft daarbij geen enkel besef van de gevoelswereld van een ander of wat het voor een ander betekent of wat hij een ander aandoet. Ziet alleen zijn eigen visie en dat is het enige dat hij waarneemt, behalve dat neemt hij niets anders waar. Behalve dan dat ze niet luisteren of niet snel genoeg doen wat hij wil, dat ziet hij wel en dan grijpt hij in en hij klopt erop of sluit ze op tot ze luisteren.
Het kan niet snel genoeg gaan, als een ander iets moet doen voor hem moet het snel gaan, hij kan niet wachten,. Als een ander met iets bezig is moet hij dat laten vallen, en moet hij onmiddellijk overgaan tot wat Josef Fritzl wil dat er gedaan wordt. En pas dan kan de ander weer overgaan tot zijn eigen acties.
Naar de buitenwereld toe wordt dit verborgen. Als Josef Fritzl met zijn familie naar buiten komt, dan lijkt het een perfect harmonisch gezin. Hij lijkt een liefhebbende echtgenoot en vader te zijn.  Zodra er andere mensen bij zijn, is hij een totaal andere persoon. Dan doet hij alsof hij vol genegenheid is voor zijn kinderen, dan zal hij ze lief aanspreken en liefhebbend aanraken, hetzelfde voor zijn echtgenote. Dan zal hij een kind op de arm nemen er er lief tegen doen.
Maar zodra hij weer alleen is met het gezin is hij weer de boeman, de duivel. Dan is hij dominant, dan beveelt hij, dan raast en tiert hij, dan moeten ze weer naar zijn pijpen dansen, dan moeten ze weer alles doen wat hij wil en moeten ze zwijgen als hij dat wil. Met momenten wil hij dat iedereen zwijgt en dan moet er urenlang stilte zijn. Niemand mag iets zeggen of mag geluiden maken, mag bijna niet bewegen. Ze moeten (soms) stil zijn aan tafel, niemand mag een woord zeggen.
Hij moet aandacht krijgen, alles moet rond hem draaien. Hij moet het middelpunt van de belangstelling zijn. Hij kan wel charmant uit de hoek komen als hij in gezelschap is. Hij kan vlot babbelen in gezelschap, en over dingen vertellen, maar hij moet aan bod komen, het moet over hem gaan, hij moet aan het woord zijn. Hij wil het zijne vertellen en hij is niet geïnteresseerd in wat een ander wil vertellen. Hij hoort het niet wat een ander vertelt, hij heeft zijn aandacht op zichzelf en op wat hij wil zeggen. Hij zal een ander die aan het woord is onderbreken en zelf weer aan het woord komen.
Hij hunkert in contacten met mensen naar aandacht, hij moet bewonderd worden, moet complimentjes krijgen. Hij zal over zichzelf beginnen praten en over zijn prestaties, zal opscheppen, over grootse dingen vertellen.
Verlangen om op te scheppen in contacten met mensen, verlangen om fantastische (bijna onmogelijke, sterk overdreven) zaken over zichzelf te vertellen, verlangen om te vertellen welke belangrijke dingen hij doet, hoe goed hij is, hoe geslaagd hij is, wat hij allemaal presteert, welke belangrijke functie hij heeft, verlangen om te tonen aan anderen welk een belangrijk persoon hij is.
Heeft zeer weinig zelfvertrouwen, denkt dat hij niemand is, voelt zich heel klein, moet zich manifesteren om iemand te zijn, moet opvallen, moet aandacht krijgen, moet de anderen opzij duwen (in sociaal contact) en zelf aan bod komen om iemand te zijn (hij kan geestig en onderhoudend uit de hoek komen en alle aandacht krijgen).
Alleen als hij het centrum is en alle aandacht krijgt kan hij zich goed voelen, anders voelt hij zich ellendig. Als hij op de achtergrond komt te staan, dan voelt hij zich ellendig. Dan voelt hij zich zó klein en zó ellendig, dan voelt hij zich zó dor en dood, dan is hij onzichtbaar, bestaat hij niet meer, leeft hij niet meer, is hij totaal verwelkt en op sterven na dood, en dan móet hij op de voorgrond treden, dat is zijn enige kans op overleving.
Alleen als hij in de belangstelling staat van iedereen, het centrum van een groep is, alleen als hij de enige is die aan bod komt en als alle anderen niet meetellen en geen aandacht krijgen, en in een ondergeschikte positie zitten dat ze naar hem luisteren en zelf niet aan bod komen, en hem moeten aanhoren, en zelf totaal niet op de voorgrond kunnen treden, alleen als hij zichzelf totaal op de voorgrond kan plaatsen en de anderen in zijn schaduw kan duwen waar hij het schijnende centrale licht is, kan hij leven en heeft hij energie, en kan hij het leven aan, en kan hij de verantwoordelijkheid voor zijn gezin op zich nemen, en kan hij enige flexibiliteit ten toon spreiden voor zijn gezin en andere mensen.
Over de situatie van het moment van het nemen van de foto (is op dat moment in hechtenis bij de politie): voelt zich dood, heeft niemand meer om te overheersen, hij kan niet leven zo, hij kan alleen nog verwelken nu. Als hij niemand heeft om te overheersen, dan is dat hetzelfde voor hem als dood zijn.
Hij wil overal heersen, ook wanneer hij in hechtenis is, hij zou daar de baas willen spelen (bij de politie), maar dat kan niet, hij moet luisteren, dus verwelkt hij.
Hij ziet niet wat hij verkeerd gedaan heeft. Heel vaag, ergens in de verte van zijn geest, weet hij dat het niet kan wat hij gedaan heeft, maar het dringt niet echt tot hem door.
Voor hem is het zo normaal dat hij controle moet hebben over mensen, dat hij niet ziet dat dat verkeerd is, integendeel, dat is zijn recht. Hij kent geen andere manier van zijn en hij kan zich niets anders voorstellen, hij kan niet zien dat dat verkeerd is.
Als hij opgesloten wordt, en niet meer vrij kan bewegen, en onderworpen is aan anderen, en geen leven meer heeft waar hij controle heeft over anderen, en niemand meer heeft om te verkrachten, dan is het leven zinloos voor hem, en dan is hij liever dood.
.

Tweede foto Josef Fritzl

Gevoel van het moment van de foto

Hij heeft alles onder controle, hij is gelukkig. Iedereen luistert, iedereen is gedwee, iedereen doet wat hij wil, er zijn geen dingen die hem storen voor het moment. Alles is gepland en geregeld zoals hij het wil, hij is tevreden. Hij heeft zijn zin gekregen in alles, hij heeft iedereen naar zijn hand gezet, hij heeft alles kunnen bereiken wat hij wou bereiken en hij is uiterst gelukkig met de situatie.
.

Josef Fritzl: innerlijke wereld

Tirannie, iedereen moet luisteren, iedereen moet doen wat hij zegt. Hij moet het gemakkelijk en comfortabel hebben, de anderen moeten hun benen van hun lijf lopen om hem te dienen. Dat de anderen het niet goed hebben, dat de anderen zich niet goed voelen of pijn hebben, kan hem geen zier schelen. De anderen zijn zijn onderdanen, zijn slaven, en moeten hem dienen, of ze zich nu goed voelen of niet. Hij moet zich goed voelen, daar gaat het om. Iedereen moet begrijpen dat het in het leven daarom draait, dat hij het goed heeft, en om niets anders. Hun zorgen zijn van geen tel, daar draait het niet om. Ze moeten niet zeuren of klagen of tegenpruttelen, hij moet het goed hebben, daar draait het om, en daar moet het eerst voor gezorgd worden. Als hij het eerst goed heeft, en als ze daarna ook iets voor zichzelf willen, dat kan hij best verdragen, dat mag. Maar hij moet eerst aan bod komen, het draait om hem, dat moeten ze begrijpen. Als er daarna nog iets overblijft voor hen en als hij daar geen nadeel van ondervindt, dan mag dat, dat vindt hij best goed. Maar eerst hij, dat moeten ze goed begrijpen, dat moet hij hen goed in het hoofd kunnen prenten.

Niemand mag aan bod komen in situaties waar hij het centrum wil zijn. Op zo’n momenten moeten ze zich op de achtergrond houden. Hij moet schitteren, hij moet vooraan prijken, en de anderen moeten in zijn schaduw staan. Indien iemand in zijn buurt op de voorgrond wil treden en hem daardoor naar achteren duwt, dan zal hij sancties nemen tegen die persoon. Dat zal hij niet tolereren, die persoon zal zijn lesje wel leren. Die persoon moet gestraft worden, hij zal die persoon op zijn/haar knieen krijgen.

Als hij alles onder controle heeft, als hij iedereen naar zijn hand kan zetten, als iedereen zich haast om hem te dienen, als hij alles, maar dan ook alles heeft kunnen regelen zoals hij het wil hebben, als hij iedereen tot alles heeft kunnen dwingen zoals hij het wil hebben, als iedereen naar zijn pijpen danst en tot in de details alles doet zoals hij het wil hebben, als hij bij iedereen het uiterste respect afgedwongen heeft, als hij dus de situatie tot in het uiterste detail onder controle heeft, dan is hij zo gelukkig, dan is hij zo intens gelukkig, dan leeft hij, dan lééft hij, dan heeft hij een enorme levenskracht, dan heeft hij energie voor tien, dan kan hij alles aan. Dan is hij zo goedgemutst dat hij een ander ook iets gunt. Dan is hij zo welgezind en opgemonterd dat hij iets wil doen voor anderen, dan  kan hij verdragen dat ze lawaai maken waar hij anders stilte wil, dan mogen ze zelfs wat zeuren of klagen, dat kan hij allemaal verdragen.

Meestal kan niet hij niet veel verdragen van anderen, alleen als hij heel goedgemutst is. Laten ze hem niet dwars zitten of tegenspreken, laten ze niets doen dat hem irriteert, laten ze niet voor zijn voeten lopen als het hem niet schikt, laten ze geen lawaai maken als hij wil dat er stilte is, want o wee, dan zit het erop, dan raast en tiert hij, (dan slaat hij eventueel, daar ben ik niet zeker van), dan is hij woedend. Dan zal hij straffen uitdelen, dan zal hij zich wreken, dan zal hij iedereen met de rug tegen de muur dwingen, tot hij de situatie weer onder controle heeft.

Gevoelens tegenover zijn echtgenote: ze is een voorwerp dat hij gebruikt voor het bevredigen van zijn seksuele behoeften. Ze is onderworpen aan hem, ze moet luisteren naar hem, ze moet doen wat hij wil. Naar de buitenwereld toe lijkt hij een liefhebbende echtgenoot, en lijken ze een gelukkig koppel. In het bijzijn van andere mensen is hij charmant en lief tegen haar. Met momenten kan hij wel wat liefde voelen voor haar en kan hij goed zijn voor haar. Als ze maar doet wat hij wil. Zolang ze doet wat hij wil gaat het redelijk goed tussen hen en kan hij wel iets doen voor haar.

Gevoelens voor zijn dochter in de kelder: hij heeft de dingen onder controle en hij voelt zich de koning te rijk. Hij voelt zich zeer goed met de situatie van zijn dochter opgesloten in de kelder. Hij heeft een gezin (dat waarvan iedereen weet) en dan heeft hij nog een tweede gezin. Hij heeft echt iets bereikt in zijn leven, hij heeft echt iets gepresteerd. Zijn dochter is onderworpen aan hem en ze doet alles wat hij wil. Ze heeft angst voor hem en daar is hij zeer gelukkig om, daar geniet hij van. Hij dreigt haar wel eens, dat hij hen aan hun lot zal overlaten, dat hij niet meer zal komen opdagen en hen laten verhongeren. En daar heeft ze enorme angst voor. Dat heeft hij van bij het begin gedaan dat ze opgesloten was. En met dat dreigement heeft hij haar goed onder controle gekregen. Dan was ze gewillig.

Gevoelens naar zijn kinderen in de kelder toe: ze zijn er nu eenmaal, maar ze zijn toch wel enigszins een last. Soms had hij ze liever niet gehad, maar aan de andere kant is hij dan fier op wat hij gepresteerd heeft. Hij voelt toch wel enige liefde voor hen, en hij zorgt zogoed mogelijk voor hen, qua voeding en kleding, en ontspanning. Hij vindt het jammer voor hen dat ze opgesloten moeten leven, maar het is nu eenmaal zo. Hij zal hen zeker nooit in de steek laten. Wat hij met zijn dochter (bij wie hij de kinderen heeft) wel zou kunnen doen. Waar het haar betreft zou hij haar gewoon kunnen laten verhongeren, gewoon niet meer opdagen en de kelder voor altijd afsluiten, maar met zijn andere kinderen in de kelder zou hij dat niet kunnen doen.